Wetsvoorstel VvE

Artikel

Op 8 oktober jl. is er door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties(BZK) een overleg geweest over het wetsvoorstel verbetering voor vereniging van eigenaars. Het doel van het wetsvoorstel is omschreven in de zogeheten Memorie van Toelichting: “Dit wetsvoorstel strekt tot aanpassing van het appartementsrecht in het Burgerlijk Wetboek met als doel het functioneren van verenigingen van eigenaars te verbeteren en verduurzaming van gebouwen die in beheer zijn van VvE’s te stimuleren.” Dit doel is een algemeen doel, waaraan een verder invulling dient te worden gegeven.

Allereerst wordt er in de Memorie van Toelichting aangegeven dat er weinig tot geen energiebesparende maatregelen worden getroffen in VvE’s. Dit wordt veroorzaakt door het gebrek aan financiële middelen om dit uit te kunnen voeren. De minister pleit voor de mogelijkheid om een lening aan te vragen voor VvE’s, waardoor dergelijke maatregelen wel getroffen kunnen worden.

De wetswijziging zal een tweede verandering met zich meebrengen, doordat er bij de verkoop van een appartementsrecht het aandeel van de lening automatisch over zal gaan naar de nieuwe eigenaar. Momenteel is het nog zo dat men ook na verkoop van het appartement aansprakelijk blijft voor de lopende lening.

Reservefonds
Naast het voorgaande wil de minister ook invulling geven aan de wetgeving rondom het reservefonds. In de wet is nu vastgelegd dat een VvE verplicht is een reservefonds te hebben, maar hierin is niet beschreven wat hiervan de minimale hoogte dient te zijn.

Voorgaand werd er vanuit gegaan dat men genoeg aanknopingspunten had om een voldoende te kunnen sparen voor onderhoud. Dit bleek echter niet het geval te zijn, doordat veel VvE’s kampen met onvoldoende geld in het reservefonds.

Om ervoor te zorgen dat er voldoende wordt gespaard door (particuliere) VvE’s, is het door de minister noodzakelijk gesteld om een minimum vast te stellen aan de jaarlijkse overdracht. Deze wettelijke verplichting bestaat uit twee keuzes. De eerste keuze bestaat uit een algemeen verplicht percentage van 0,5% van de herbouwwaarde op grondslag van de opstalverzekering. De tweede keuze is op basis van een specifiek voor dat appartementengebouw opgesteld Meerjaren Onderhoudsplan(MJOP).

Internetconsultatie
Vervolgens heeft er een internetconsultatie plaatsgevonden. Waarin veel op- en aanmerkingen werden gemaakt over het nieuwe wetsvoorstel. De belangrijkste punten zullen hieronder worden aangehaald.

Zo vond het publiek de mogelijkheid van het aangaan van een lening voor verbeterde energieprestaties en onderhoudskosten te beperkt. Er zijn namelijk ook andere redenen waarom een VvE een lening aan zou willen gaan.

Ook de stemverhouding werd uitvoerig besproken. Het wetsvoorstel gaat uit van een gewone besluitvorming. Dit kan ertoe leiden dat enkele eigenaars in een (tweede) vergadering een besluit kunnen aannemen om een geldlening te nemen. Dit besluit heeft wezenlijke financiële consequenties voor iedereen in de VvE. Men wil daarom zwaardere eisen stellen aan het aangaan van een dergelijke lening, bijvoorbeeld met een versterkte meerderheid van stemmen.

Daarnaast wordt er kritiek geleverd over de jaarlijkse reservering van 0,5% van de herbouwwaarde. Dit bedrag zou onvoldoende rekening houden met de verschillen tussen appartementen. Verschillen zoals oudbouw en “milieu proof” nieuwbouw. Maar ook verschillen tussen hoofd- en ondersplitsingen, waarin vaak het grootste gedeelte van het onderhoud in de ondersplitsing is vastgelegd. Voor multifunctionele gebouwen, kantoren en winkelcentra’s kan het percentage wellicht weer te laag zijn voor het onderhoud die nodig is.

Verder wordt in het wetsvoorstel de opstalverzekering niet gedefinieerd. Onder opstalverzekering kunnen verschillende zaken worden onderverdeeld, waardoor het niet duidelijk is wat men hiermee bedoeld.

Conclusie
De wetswijziging wordt over het algemeen gezien als een positieve verandering. Indien de bovenstaande aanpassingen worden meegenomen door de minister kan het een succesvolle wetswijziging worden. Waar het grootste gedeelte van de betrokkenen het mee eens zal zijn. Appartementseigenaren kunnen nu een betere inschatting maken wat zij per maand kwijt zullen zijn aan een bepaald appartement. Hierdoor komen ze niet voor onplezierige financiële verrassingen te staan. Bovendien zal de kwaliteit van de appartementen vooruit gaan, doordat er meer geld over is voor onderhoud en verbetering.

Geschreven door

Laat een Reactie achter